Internationale gezondheids- en hulporganisaties slaan deze week alarm over meer aanvallen op ziekenhuizen en hulpverleners in conflictgebieden. Het gaat om incidenten in onder meer Gaza, Oekraïne, Soedan en Myanmar. Zij spreken van een crisis van de menselijkheid, omdat patiënten en zorgverleners doelwit worden. De oproep richt zich ook tot Europese overheden en bedrijven om zorgketens te beschermen en het oorlogsrecht te respecteren.
Aanvallen op zorg stijgen
Organisaties als de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), het Internationale Comité van het Rode Kruis (ICRC) en Artsen zonder Grenzen melden een duidelijke toename van aanvallen op zorg. Het gaat om beschietingen van ziekenhuizen, blokkades van ambulances en intimidatie van medisch personeel. Dit belemmert directe zorgverlening en vertraagt leveringen van medicijnen, apparatuur en brandstof. Voor ondernemingen in Europa raakt dit contracten, logistiek en verzekeringen.
De gevolgen zijn breder dan het slagveld. Farmabedrijven, medtech-producenten en logistieke spelers krijgen te maken met onverwachte stilstand, hogere beveiligingskosten en verlies van goederen. Leveringsroutes worden omgeleid of tijdelijk gesloten, wat de doorlooptijd en prijs opdrijft. Publieke en ngo-inkopers verschuiven prioriteiten, waardoor geplande orders worden aangepast of uitgesteld.
Ook digitale zorgoplossingen hebben last van de onveiligheid. Telezorg, data-uitwisseling en onderhoud op afstand vallen uit door stroomtekorten of netwerkblokkades. Dat vergroot de afhankelijkheid van noodgeneratoren, satellietconnectiviteit en lokale voorraden. Bedrijven moeten daardoor vaker redundantie en servicepacks inrekenen.
Schending van oorlogsrecht
Het internationaal humanitair recht, bekend als het oorlogsrecht, beschermt medische doelen en personeel. Aanvallen op ziekenhuizen, ambulances en artsen zijn verboden, ongeacht het conflict. Daders kunnen strafrechtelijk worden vervolgd, onder meer via het Statuut van Rome. Overheden worden aangespoord om incidenten te onderzoeken en bescherming te bieden.
Ziekenhuizen, ambulances en medisch personeel zijn onder de Verdragen van Genève beschermd en mogen niet worden aangevallen.
Voor Europese bedrijven is dit geen verre theorie. Contracten in of nabij risicogebieden vallen onder strengere due diligence-regels, zoals de Europese richtlijn voor zorgplicht in de keten (CSDDD). Die verplicht grote ondernemingen, en indirect hun toeleveranciers, om risico’s op mensenrechtenschendingen te voorkomen en aan te pakken. Niet-handelen kan leiden tot civiele aansprakelijkheid en reputatieschade.
Daarnaast gelden EU-sanctieregimes en exportcontroles, bijvoorbeeld voor dual-use goederen die zowel civiel als militair inzetbaar zijn. Humanitaire uitzonderingen bestaan, maar zijn strikt afgebakend en vragen documentatie. Ondernemers moeten daarom precies vastleggen wie eindgebruikers zijn, welke routes worden gebruikt en welke waarborgen zijn getroffen. Goede dossiervorming is hierbij essentieel.
Ketens en kosten onder druk
Aanvallen op zorglocaties ontwrichten inkoop en distributie van medische producten. Hoofdleveranciers schakelen over op alternatieve hubs, wat extra overslag en douanecontroles betekent. Koelketens voor vaccins en insuline lopen risico bij stroomuitval en vertraging. Hierdoor stijgen afkeurpercentages en verzekeringspremies.
Logistieke partners voeren war risk-toeslagen en strengere veiligheidsprotocollen in. Dat verhoogt de kostprijs per levering, juist wanneer humanitaire vraag piekt. Projecten die afhankelijk zijn van just-in-time leveren, krijgen te maken met buffervoorraden en langere contracttermijnen. Voor mkb’ers drukt dit direct op de kasstroom.
Ook onderhoud en servicecontracten komen in de knel. Technici kunnen niet altijd veilig reizen en reserveonderdelen blijven hangen aan grenzen. Fabrikanten stappen daarom vaker over op lokale training en remote support. Dit vraagt om extra investeringen in documentatie, e-learning en veilige toegang tot systemen.
Verplichtingen voor EU-bedrijven
Naast de CSDDD gelden rapportageplichten via de Europese CSRD. Bedrijven moeten materiële risico’s en incidenten rond mensenrechten en veiligheid opnemen in hun duurzaamheidsverslag. Dat geldt ook voor toeleveringen aan humanitaire missies. Transparantie richting afnemers en financiers wordt zo een harde eis.
Export naar risicogebieden valt onder de EU Dual-Use Verordening en nationale vergunningen. Ondernemers moeten controleren of goederen, software of encryptie bijzondere toestemming vereisen. Humanitaire vrijstellingen vragen vaak om bewijs van eindgebruik door erkende organisaties zoals de WHO of het ICRC. Zonder sluitende papieren kunnen zendingen worden vastgehouden of teruggestuurd.
Ook de AVG speelt een rol wanneer Europese bedrijven patiënt- of personeelsgegevens verwerken voor hulpoperaties. Dat vereist een rechtsgrond, dataminimalisatie en passende beveiliging, ook bij noodhulp. Datadoorgifte buiten de EU vraagt aanvullende waarborgen, zoals standaardclausules. Bewaartermijnen moeten kort en duidelijk zijn.
Gevolgen voor Nederlandse mkb’ers
Nederlandse leveranciers van medische hulpmiddelen, ICT en logistiek werken vaak via ngo-tenders of VN-inkoop. Zij krijgen nu vaker te maken met verscherpte auditvragen en contractuele sanctie- en complianceclausules. Banken en verzekeraars toetsen strenger op sanctierisico’s en due diligence. Afwijzing of vertraging van financiering komt daardoor sneller voor.
Verzekeringen kennen vaak oorlogs- en terrorismeuitsluitingen. Ondernemers moeten nagaan of aanvullende dekkingen beschikbaar zijn en welke voorwaarden gelden voor personeel ter plaatse. De Arbowet verplicht werkgevers tot een veilige werkomgeving, ook bij reizen. Dat betekent training, tracking en duidelijke noodprocedures.
RVO biedt hulpmiddelen voor risicobeoordeling in ketens, zoals de MVO Risicochecker en advies bij internationaal ondernemen. Publieke inkoopkanalen vragen aantoonbaar beleid voor mensenrechten en sanctiecompliance. Wie dit op orde heeft, vergroot zijn kans op gunning en doorlopende samenwerking. Dit vergt echter tijdige investeringen in systemen en scholing.
Wat bedrijven nu kunnen doen
Breng direct de keten in kaart: herkomst van grondstoffen, productie, transport en eindgebruik. Koppel hieraan een conflict- en sanctierisicoscan met duidelijke stoplichten. Leg vast welke alternatieve routes, leveranciers en servicepartners beschikbaar zijn. Werk met minimumvoorraad en noodlogistiek voor kritieke producten.
Actualiseer contracten met clausules over sancties, exportcontrole, force majeure en mensenrechten. Zorg dat audit- en meldplichten duidelijk zijn, inclusief eisen van hulporganisaties. Stem verzekeringen en bankvoorwaarden daarop af, zodat financiering en dekking standhouden. Documenteer alle beslissingen en uitzonderingen.
Investeer in training voor sales, inkoop, logistiek en service. Medewerkers moeten rode vlaggen herkennen en weten hoe te handelen bij incidenten. Beveilig digitale toegang tot apparatuur en data, en test remote serviceprotocollen. Zo blijven leveringen en zorgondersteuning mogelijk, ook wanneer de situatie plots verslechtert.
