In december 2025 sloten meerdere horecaondernemingen in Nederland de deuren. Het ging om cafés, restaurants en enkele kleine hotels in verschillende steden. Redenen die ondernemers noemen zijn stijgende kosten en een hardnekkig personeelstekort. Steeds meer mkb’ers zoeken naar kostenbesparing en subsidie digitalisering mkb Nederland om overeind te blijven.
Sluitingen pieken in december
December is normaal een drukke maand voor de horeca, maar dat gold niet voor alle zaken. In meerdere steden werd faillissement uitgesproken of is een vrijwillige beëindiging gekozen. Vooral kleine, zelfstandig gerunde bedrijven bleken kwetsbaar. Zij hebben minder financiële buffer en zijn gevoeliger voor schommelingen in kosten en omzet.
De combinatie van hogere inkoopprijzen en stijgende loonkosten drukte op het eindresultaat. Ook huurindexaties en energielasten bleven een zware last, ondanks scherper inkopen en kortere openingstijden. Feestdagen bieden niet altijd uitkomst: hogere bezetting gaat vaak samen met extra personeel en duurdere inkoop. De marge, het verschil tussen omzet en kosten, kalfde zo verder af.
Brancheorganisatie Koninklijke Horeca Nederland wijst al langer op smalle marges in het mkb. Ondernemers kiezen vaker voor tijdelijke sluiting of een afgeslankt aanbod om kosten te beheersen. Dat helpt niet altijd genoeg, zeker als er ook oude schulden lopen. Dan wordt de continuïteit snel een vraagteken.
Kosten drukken marges
Loonkosten stegen opnieuw door cao-afspraken en het wettelijk minimumloon (WML), de ondergrens van wat werkgevers per uur moeten betalen. Per 1 januari 2026 is het WML opnieuw geïndexeerd, wat direct voelbaar is in personeelsintensieve bedrijven. Voor veel horecazaken is personeel de grootste kostenpost. Zonder voldoende omzetgroei wordt elk uur duurder om in te roosteren.
Huurcontracten zijn vaak geïndexeerd, waardoor de maandlasten automatisch oplopen. In populaire winkelstraten en toeristische centra maakt dat het verschil tussen winst en verlies. Energieprijzen zijn wel lager dan in de piekperiode, maar liggen nog boven het niveau van 2019. Wie geen gunstig contract heeft, ziet dat terug op de rekening.
Voor veel ondernemers weegt ook de aflossing van coronabelastingschulden zwaar op de liquiditeit, het geld dat direct beschikbaar is voor betalingen. Extra aflossingen in een maand met wisselende kasstromen vergroten het risico op betalingsachterstanden. Zo ontstaat een vicieuze cirkel: hogere vaste lasten, druk op de cashflow en minder ruimte voor investeringen. Uiteindelijk wordt het moeilijk om aan alle verplichtingen te voldoen.
Personeel blijft schaars
De arbeidsmarkt blijft krap, waardoor het vinden en vasthouden van personeel lastig is. Veel bedrijven werken met kleinere teams of beperken de openingstijden. Dat drukt de omzet en maakt het plannen van piekmomenten complexer. Training en inwerken kosten bovendien tijd en geld.
Uitzendkrachten en oproepkrachten bieden flexibiliteit, maar zijn vaak duurder per uur. Ook inzet van zzp’ers vraagt heldere afspraken en correcte administratie. Ondernemers moeten goed letten op roosters, rusttijden en scholing onder de Arbowet. Fouten kunnen leiden tot boetes of claims, wat de druk verder opvoert.
Als de personele bezetting onder het minimum komt, lijdt de servicekwaliteit. Minder tafels, langere wachttijden en een afgeslankt menu zijn dan noodmaatregelen. Op korte termijn scheelt dat kosten, maar op lange termijn kan het klanten kosten. Een zwakker merk maakt herstel na de winter moeilijker.
Huur en schulden knellen
Locatiekosten bepalen mede de overlevingskans. Binnensteden kennen hoge huren, maar bieden wel passanten en toeristen. Buiten het centrum zijn de huren lager, maar is de toestroom wisselvalliger. Een verkeerde mix van huurprijs en omzetpotentie leidt snel tot problemen.
Bij nieuwe contracten vragen verhuurders vaak een waarborgsom of bankgarantie. Voor mkb’ers met dunne buffers is dat een extra drempel. Onderhandelen over tijdelijke huurkorting kan lucht geven, maar lukt niet altijd. Verhuurders kijken scherp naar betalingsgedrag en toekomstperspectief.
Ook leveranciers bewaken hun risico en schakelen sneller over op vooruitbetaling. Dat verplaatst de druk naar de voorkant van de maand. Wie al betalingsachterstanden heeft, krijgt minder krediet. Zo stapelen schulden zich op en dreigt een faillissementsaanvraag.
Juridische opties naast failliet
Faillissement is een juridische procedure waarbij de rechter een curator benoemt die de bezittingen verkoopt om schuldeisers te betalen. Werknemers vallen dan terug op de UWV-loongarantieregeling. Vaak stopt de onderneming, soms volgt een doorstart met nieuwe eigenaar. Dat is ingrijpend voor personeel, leveranciers en klanten.
Faillissement is de wettelijke afwikkeling van schulden als een bedrijf zijn rekeningen niet meer kan betalen; een curator verdeelt dan wat over is onder de schuldeisers.
Een alternatief is de WHOA, de Wet homologatie onderhands akkoord. Daarmee kan een ondernemer, met goedkeuring van de rechter, schulden herstructureren zonder dat iedereen instemt. Het doel is een doorstart of voortzetting mogelijk te maken. Dit is vooral interessant als de kern van het bedrijf nog levensvatbaar is.
Let op bij een doorstart: klantgegevens vallen onder de AVG, de Europese privacywet. Die data mogen niet zomaar worden overgedragen of gebruikt. De curator en koper moeten zorgen voor een rechtmatige basis en duidelijke informatie. Anders volgt het risico op boetes en reputatieschade.
Steun en digitalisering in 2026
Ondernemers kijken naar maatregelen die snel effect geven. Denk aan scherpere inkoop, menu-engineering en energiebesparing met kleine investeringen. Digitalisering helpt bij planning, prijsstelling en bezettingsgraad. Voor sommige bedrijven is subsidie digitalisering mkb Nederland via RVO of regionale loketten een optie, op het moment van schrijven afhankelijk van beschikbaar budget.
Financiering voor investeringen kan via bestaande regelingen. De BMKB helpt bij borgstelling voor bankkrediet; EIA en MIA/Vamil geven fiscaal voordeel bij energiezuinige en duurzame investeringen. Ook Qredits en ROM’s bieden advies en in sommige gevallen krediet. Voorwaarden en tarieven verschillen, dus goed vergelijken loont.
Praktisch gezien is een liquiditeitsprognose cruciaal voor de wintermaanden. Maak maandelijkse scenario’s, inclusief huur, loon, belastingen en aflossingen. Ga vroeg in gesprek met verhuurder, bank en Belastingdienst als knelpunten dreigen. Dat vergroot de kans op een regeling en verkleint de kans op sluiting.
