Triodos Bank-econoom Hans Stegeman waarschuwt dat ‘transparantie’ rond duurzaamheid geen doel op zich mag worden. Hij stelt dat veel bedrijven druk zijn met rapporteren, maar te weinig veranderen in hun kernactiviteiten. Dit speelt nu Europa strengere regels invoert, zoals de CSRD voor duurzaamheidsrapportage. Voor ondernemers en het mkb is de vraag: hoe maak je echte impact en voorkom je vinkjeswerk?
Transparantie is geen einddoel
Hans Stegeman, op het moment van schrijven hoofdeconoom bij Triodos Bank, ziet een spanning tussen rapporteren en veranderen. Bedrijven publiceren steeds meer ESG-informatie, maar dat garandeert nog geen lagere uitstoot of eerlijkere ketens. Transparantie is nuttig, maar kan ook de aandacht afleiden van lastige keuzes in productie, inkoop en prijsstelling.
Voor ondernemers is het verschil belangrijk: inzicht is een middel, geen resultaat. Wie vooral data verzamelt zonder plannen te veranderen, mist kansen én loopt reputatierisico. Dat geldt in het bijzonder voor leveranciers van grote concerns, waar prijs, kwaliteit en duurzaamheid steeds vaker samen tellen.
Stegeman zet het scherp neer om de discussie te kantelen. Hij vraagt meer focus op echte economische keuzes: minder grondstoffen, schonere energie en een andere manier van groeien. Daarmee raakt zijn punt direct aan het beleid in Nederland en de EU.
“Transparantie als afleidingsmanoeuvre”
Rapportages sturen op vinkjes
ESG-rapportages groeien snel door eisen van afnemers, banken en toezichthouders. Dat helpt bij vergelijking, maar vergroot ook de neiging om te sturen op meetbare vinkjes. Het risico: mooie grafieken, weinig transitie.
De EU vraagt in de CSRD om ‘dubbele materialiteit’: rapporteren over wat belangrijk is voor het bedrijf én wat de impact is op mens en milieu. Dat dwingt tot keuzes die verder gaan dan communicatie. Ondernemers moeten daarom prioriteren: waar ligt de grootste uitstoot, verspilling of sociale risico’s, en wat ga je concreet veranderen?
Scope 3-emissies, oftewel uitstoot in de keten, zijn hierbij vaak het zwaarst. Die data zijn lastig, maar richtinggevend voor echte reductie. Bedrijven die hier vroeg mee beginnen, bouwen een voorsprong op in samenwerking met klanten en financiers.
CSRD verandert spelregels mkb
De CSRD geldt vanaf boekjaar 2024 voor grote ondernemingen die al onder eerdere EU-regels vielen. Vanaf 2025 volgen andere grote bedrijven, en later ook beursgenoteerde mkb-bedrijven met uitstelmogelijkheden. Mkb’ers buiten de directe reikwijdte krijgen eerder te maken met data-verzoeken uit de keten.
Praktisch betekent dit: organiseer datastromen, kies een beperkt aantal kernindicatoren en leg verantwoordelijkheden vast. Begin met een materialiteitsanalyse: breng in kaart wat echt telt voor je bedrijf en stakeholders. Veranker dit in de governance, oftewel wie beslist waarover, met welke doelen en controles.
Er is steun beschikbaar via RVO-regelingen, zoals de MIA/Vamil voor duurzame investeringen en, op het moment van schrijven, de Subsidieregeling Verduurzaming MKB (SVM) voor advies. Ook regionale ontwikkelingsmaatschappijen en de KvK bieden tools en spreekuren. Wie wil digitaliseren voor dataverzameling kan kijken naar sectorale initiatieven en standaarden om kosten te beperken.
Toezicht op greenwashing groeit
De Autoriteit Consument & Markt (ACM) treedt op tegen misleidende milieuclaims. De Autoriteit Financiële Markten (AFM) houdt toezicht op uitingen van financiële partijen, mede onder de Europese SFDR-regels. Banken en fondsen, waaronder Triodos Bank, moeten beleggingen helder indelen en claims kunnen onderbouwen.
De voorgestelde Green Claims-richtlijn van de EU maakt regels voor duurzaamheidsclaims strenger en eist onafhankelijke onderbouwing. Dit raakt ook mkb-bedrijven die met labels of CO2-belofte adverteren. Wie communiceert, moet meten, uitleggen en kunnen aantonen wat er verandert.
Let op privacy als duurzaamheidsdata ook personeelsinformatie raken, zoals diversiteitscijfers. Dan geldt de AVG: verzamel zo min mogelijk, anonimiseer waar kan en bewaak toegang. Zo blijft rapportage rechtmatig én nuttig.
Sturen op echte impact
Maak doelen concreet: absolute CO2-reductie, minder energie en materiaal, en eerlijke beloning in de keten. Science Based Targets bieden hiervoor een erkend pad; dat is een methode om klimaatdoelen te koppelen aan wetenschap. Koppel investeringen aan de EU-taxonomie, zodat financiers zien welke activiteiten duurzaam zijn volgens Europese regels.
Vermijd ‘vermijdbare emissies’ als enige succesmaat; focus op daadwerkelijke reductie in de eigen waardeketen. Leg keuzes vast in meerjarenplannen en begrotingen, niet alleen in rapportages. Zo wordt transparantie ondersteunend aan transitie in plaats van een doel op zich.
Voor ondernemers levert dit voordeel op bij aanbestedingen, ketensamenwerking en mkb-financiering. Grote klanten en banken zoeken betrouwbare data én geloofwaardige actie. Dat is waar transparantie pas echt loont: als het zichtbaar maakt wat er verandert in de praktijk.
Wat werkt voor ondernemers
Begin klein maar gericht: kies drie tot vijf kernindicatoren die het meeste effect hebben en verbeter die stap voor stap. Werk met sectorstandaarden om discussies met klanten te verkorten en audits te versnellen. Automatiseer dataverzameling waar mogelijk, zodat de administratieve last daalt.
Maak afspraken met leveranciers over data en reductie, bijvoorbeeld via gezamenlijke inkoop van groene energie of circulaire verpakkingen. Leg dit contractueel vast en deel de opbrengst van besparingen. Zo wordt de keten een bron van kostenreductie en innovatie.
Gebruik publieke steun slim: combineer subsidies voor verduurzaming met digitalisering van processen. Dat helpt bij rapportage én bij efficiënter werken. Uiteindelijk betaalt dat zich terug in lagere risico’s, betere toegang tot kapitaal en een sterker merk.
