Jongerius krijgt een tweede kans op een doorstart. Het bedrijf uit de Lekstroom-regio voert opnieuw gesprekken met geïnteresseerde kopers. Op het moment van schrijven verkent de curator welke activiteiten levensvatbaar zijn voor overname. Het doel is behoud van onderdelen en zoveel mogelijk banen.
Tweede kans op doorstart
Na een eerder vastgelopen traject komt er een nieuwe poging om Jongerius te laten doorstarten. De curator onderzoekt of een gericht verkoopschema, ook wel een asset-deal genoemd, nu wel haalbaar is. Daarbij worden alleen rendabele onderdelen verkocht en zwakkere activiteiten afgebouwd. Zo kan een koper sneller starten en risico’s beperken.
Een doorstart is een gebruikelijke route voor mkb-bedrijven die in zwaar weer zitten. Het is een manier om kernactiviteiten te redden zonder alle oude verplichtingen mee te nemen. Dat kan waarde behouden voor klanten, leveranciers en de regio. Tegelijk vraagt het om strakke selectie en duidelijke afspraken.
“Een doorstart is de verkoop van (delen van) een failliete onderneming, zodat de activiteiten in afgeslankte vorm kunnen doorgaan.”
De Lekstroom-regio, met veel mkb en familiebedrijven, heeft eerder laten zien dat lokale netwerken zo’n proces kunnen dragen. Korte lijnen met financiers en verhuurders maken het verschil. Ook gemeenten kijken mee naar effecten op werkgelegenheid. Dat vergroot de druk om snel duidelijkheid te bieden.
Curator weegt biedingen
De curator beoordeelt biedingen op drie punten: financiering, concrete uitvoering en snelheid. Een koper moet kunnen aantonen dat er voldoende geld is om voorraad, lonen en huur te betalen. Ook moet het plan laten zien hoe klanten en leveranciers worden bediend. Snelheid telt, omdat stilstand waarde kost.
In de praktijk gaat het om een activa-passiva transactie. Dat betekent dat machines, merknaam en voorraden kunnen worden overgenomen, terwijl oude schulden achterblijven. De rechtbank houdt toezicht op een zorgvuldige afwikkeling. Ondertussen blijven noodzakelijke betalingen onder beheer van de boedel.
Voor ondernemers die willen meebieden is due diligence nodig. Dat is een kort, gericht boekenonderzoek naar cijfers, contracten en risico’s. Vaak is de tijdslijn krap: enkele dagen tot weken. Wie snel kan schakelen en zekerheid biedt, heeft de beste papieren.
Banen en contracten
Voor medewerkers is de onzekerheid groot. Bij een doorstart na faillissement is er geen automatische overgang van alle banen. Een koper mag selectief personeel overnemen, maar moet wel gelijke kansen en duidelijke criteria hanteren. Het UWV kan tijdelijke loonbetalingen garanderen via de loongarantieregeling.
Collectief ontslag kan aan de orde zijn. Dan geldt overleg met vakbonden en ondernemingsraad, voor zover aanwezig. Werknemersrechten blijven beschermd door de Wet melding collectief ontslag en de Arbowet. Goede communicatie over selectie en startdata is cruciaal om uitval te beperken.
Voor lopende contracten geldt maatwerk. Huurcontracten, serviceovereenkomsten en IT-licenties worden vaak opnieuw onderhandeld. Leveranciers vragen in de eerste periode vaak vooruitbetaling. Dat helpt om nieuwe leveringen op gang te brengen zonder extra risico.
Leveranciers en schuldeisers
Leveranciers doen er goed aan eigendomsvoorbehoud te controleren. Dat is een afspraak dat geleverde goederen eigendom blijven tot betaling. Met zo’n clausule kan men onbetaalde voorraad terughalen of verrekenen. Het vereenvoudigt ook nieuwe afspraken met een doorstartende koper.
Schuldeisers vallen meestal in de boedel en moeten wachten op uitkering. Preferente schuldeisers, zoals de Belastingdienst, gaan voor op concurrente crediteuren. Verwachte uitkeringen zijn vaak beperkt. Een snelle doorstart kan echter toekomstige omzet veiligstellen bij dezelfde keten, wat lange-termijnrelaties ten goede komt.
Voor lokale ondernemers in de keten is het raadzaam hun risico’s te spreiden. Denk aan kredietlimieten, kortere betalingstermijnen en zekerheden. De Kamer van Koophandel biedt praktische checklists voor handelen rond faillissement en doorstart. Dat voorkomt misverstanden en extra kosten.
Wetgeving en AVG-plichten
Juridisch staat dit proces op twee pijlers. De Faillissementswet regelt de rol van de curator en de verkoop van boedel. Voor herstructurering vooraf is sinds 2021 de WHOA beschikbaar, een wet die een dwangakkoord buiten faillissement mogelijk maakt. In dit geval gaat het om een doorstart ná een mislukte eerdere poging.
Ook privacy speelt mee. Klantbestanden vallen onder de AVG en mogen niet zomaar worden overgedragen. Een koper heeft een wettelijke grondslag nodig, bijvoorbeeld gerechtvaardigd belang, en moet klanten informeren over het nieuwe gebruik van gegevens. Onnodige data moeten worden opgeschoond.
Op Europees niveau stimuleert de Herstructureringsrichtlijn het redden van levensvatbare bedrijven. Doel is banen behouden en economische schade beperken. Nederland heeft die lijn gevolgd met de WHOA. In de praktijk blijft tempo en transparantie bij een doorstart de beslissende factor.
Impact voor regio en mkb
Voor de Lekstroom-regio kan een geslaagde doorstart van Jongerius continuïteit brengen voor klanten en toeleveranciers. Winkels, horeca of andere afnemers krijgen dan weer zekerheid over leveringen. Dat stabiliseert de lokale economie. Mislukken de gesprekken, dan volgen definitieve afbouw en herverdeling van marktaandeel.
Mkb’ers met openstaande facturen doen er goed aan hun vorderingen bij de curator te melden. Nieuwe leveringen gaan het best onder strikte condities, zoals contante betaling of kort krediet. Zo blijft de cashflow gezond. Tegelijk kan samenwerking met de doorstartende partij nieuwe omzet opleveren.
Voor mogelijke kopers is dit een kans om selectief te investeren. Toegang tot talent, bestaande klanten en naamsbekendheid kan waardevol zijn. Realistische plannen, voldoende werkkapitaal en duidelijke governance zijn randvoorwaarden. Daarmee vergroot Jongerius de kans dat deze tweede poging wél slaagt.
