• Home
  • /
  • Blog
  • /
  • Nieuws
  • /
  • Ongeval in Erp: wie betaalt de rekening, bedrijven of verzekeraars?

21 maart 18:19

0 Reacties

Ongeval in Erp: wie betaalt de rekening, bedrijven of verzekeraars?

Een motorrijder is vandaag gewond geraakt na een botsing met een auto in Erp, gemeente Meierijstad. Het ongeval gebeurde op een doorgaande weg in het dorp. Hulpdiensten kwamen ter plaatse en de weg werd kort afgesloten. De politie onderzoekt de oorzaak van de aanrijding.

Bereikbaarheid Erp tijdelijk beperkt

De afsluiting zorgde voor vertragingen in en rond het centrum van Erp. Lokale ondernemers meldden hinder bij leveringen en minder winkelbezoek. Voor bedrijven met tijdkritische ritten, zoals bakkers, installateurs en bezorgdiensten, kan zo’n stremming direct omzet kosten.

Omrijden via regionale wegen in Meierijstad kost extra tijd en brandstof. Kleine mkb’ers hebben vaak minder flexibiliteit in planning en personeel. Een korte onderbreking kan daardoor snel doorwerken in de dagomzet.

De gemeente Meierijstad adviseert weggebruikers bij incidenten doorgaans om aanwijzingen van verkeersregelaars te volgen. Ondernemers kunnen met klanten communiceren over aangepaste bezorgtijden. Duidelijke informatie voorkomt klachten en helpt reputatieschade te beperken.

Politie onderzoekt toedracht ongeval

Politie Oost-Brabant onderzoekt hoe de botsing kon gebeuren. Daarbij worden sporen op het wegdek, voertuigen en verklaringen van betrokkenen en getuigen bekeken. Ook kan dashcam- of deurbelcamera-beeld worden opgevraagd als dat relevant is.

Het delen van beelden valt onder de AVG, de Europese privacywet. Dat betekent dat herkenbare personen alleen rechtmatig mogen worden gefilmd en dat publicatie zonder grondslag problemen kan geven. De politie kan burgers wel vragen om beelden rechtstreeks en afgeschermd aan te leveren voor opsporing.

Tot de toedracht vaststaat, doet de politie geen inhoudelijke uitspraken over schuld of overtredingen. Voor betrokken bedrijven en verzekeraars is dat belangrijk, omdat aansprakelijkheid pas daarna duidelijk wordt. Dat voorkomt voorbarige claims of onjuiste interne maatregelen.

Zorgplicht bij zakelijke ritten

Werkgevers die personeel laten rijden, ook op een motor of scooter, hebben een zorgplicht onder de Arbowet. Dat houdt in dat zij risico’s moeten beperken met beleid, training en geschikte middelen. Denk aan rijvaardigheidstraining, planbare routes en bescherming tegen tijdsdruk.

Een actuele RI&E, de wettelijke risico-inventarisatie, hoort mobiliteitsrisico’s te bevatten. Bijvoorbeeld afspraken over beschermende motorkleding, smartphonegebruik en vermoeidheid. Ook huurdiensten en zzp’ers in de keten verdienen aandacht in het veiligheidsplan.

“Werkgevers moeten zorgen voor veilige en gezonde arbeidsomstandigheden” — kernbepaling uit de Arbowet (artikel 3)

Voor mkb-bedrijven zijn er laagdrempelige hulpmiddelen via de RVO en brancheorganisaties. Praktische stappen zijn een kort verkeersveiligheidsprotocol en periodieke toolboxmeetings. Zo wordt naleving tastbaar en aantoonbaar bij inspecties of na een incident.

Verzekering en aansprakelijkheid

Schade bij verkeersongevallen valt meestal onder de WAM-verzekering, de wettelijke aansprakelijkheidsverzekering voor motorrijtuigen. Bij zakelijke ritten kan ook werkgeversaansprakelijkheid spelen. Dit geldt vooral wanneer het ongeval plaatsvindt tijdens werktijd of in opdracht.

Bedrijfsaansprakelijkheidsverzekeringen en verzuimverzekeringen dekken andere delen van het risico. Controleer polisvoorwaarden op zakelijke kilometers, eigen risico en regres. Een helder mobiliteitsregister en rittenadministratie verkleinen discussies achteraf.

Voor zzp’ers en platformwerkers is de dekking niet altijd vanzelfsprekend. Contracten met opdrachtgevers kunnen eisen stellen aan verzekering en rijgedrag. Leg die afspraken duidelijk vast om claims en misverstanden te voorkomen.

Lokale en EU-maatregelen

Gemeente Meierijstad en de provincie Noord-Brabant zijn als wegbeheerders verantwoordelijk voor veilige infrastructuur. Denk aan zichtlijnen, voorsorteervakken en snelheidsregimes bij kruisingen. Incidenten als deze kunnen aanleiding zijn om locaties opnieuw te beoordelen.

Op EU-niveau stuurt het Verkeersveiligheidsbeleid 2021–2030 op “Vision Zero”: nul verkeersdoden in 2050. Dat beleid stimuleert veiliger voertuigen, infrastructuur en gedrag. Bedrijven profiteren via lagere schadelasten en minder ziekteverzuim.

Ondernemers kunnen aansluiten bij regionale verkeersveiligheidscoalities of mobiliteitsprogramma’s. Soms zijn er subsidies voor veiligheidsmaatregelen of rijtrainingen via provincies of het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Dit helpt kosten te drukken en versnelt invoering van betere praktijken.

Wat ondernemers nu doen

Na een incident in de buurt is het verstandig om routes en levertijden tijdelijk aan te passen. Communiceer proactief met klanten en leveranciers over wachttijden. Evalueer interne noodprocedures, zoals bereikbaarheid van planners en chauffeurs.

Leg betrokken personeel kort vast wat is gebeurd en welke ondersteuning beschikbaar is. Denk aan vervangend vervoer, psychologische nazorg en hulp bij schadeformulieren. Een snelle, zorgvuldige afhandeling beperkt productieverlies en frustratie.

Kijk structureel naar verkeersveiligheid in het bedrijfsplan. Koppel KPI’s, zoals schadelast en rijgedrag, aan training en planning. Dit levert vaak snel rendement op in lagere kosten en meer betrouwbaarheid richting klanten.


Tags


You may also like

Laat een reactie achter

Your email address will not be published. Required fields are marked

{"email":"Email address invalid","url":"Website address invalid","required":"Required field missing"}