Gingen zzp’ers in 2024 massaal over op een vast contract? Nederlandse zelfstandigen zonder personeel en werkgevers zochten elkaar vaker op, door krapper wordende marges en strengere regels rond schijnzelfstandigheid. In sectoren als zorg, IT en communicatie kwamen meer aanbiedingen voor loondienst op tafel. Tegelijk investeert het mkb in automatisering met subsidie digitalisering mkb Nederland via RVO, wat de vraag naar flexwerk kan beïnvloeden.
Geen massale overstap
Er is geen brede golf van zzp’ers die hun ondernemerschap inruilen voor loondienst. Opdrachten bleven beschikbaar, al verschoof de vraag per sector. Veel zelfstandigen willen hun tarieven, autonomie en flexibiliteit behouden. De stap naar een vast contract gebeurde vooral wanneer zekerheid of continuïteit belangrijker werd dan het uurtarief.
Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) ziet al jaren groei van het aantal zelfstandigen, ondanks economische schommelingen. Die trend is in 2024 niet abrupt gekeerd. Wel nam de instroom van starters in sommige beroepen af en duurden bemiddelingen langer. Dat wijst op heroriëntatie, geen vlucht uit het zzp-schap.
Opdrachtgevers boden vaker een arbeidsovereenkomst aan waar opdrachten structureel waren. Dit speelde vooral bij functies die al jaren door dezelfde zelfstandige werden ingevuld. Bedrijven kozen daarmee voor minder juridisch risico en meer teamstabiliteit. Toch kozen veel ondernemers voor hybride: deels loondienst, deels opdrachten.
Nederland telt ruim een miljoen mensen die als zzp’er werken, als hoofd- of bijbaan.
Sectorschommelingen bepalen keuze
In IT en digitale transformatie bleef de vraag naar specialistische kennis op peil. Grote organisaties en overheden schreven opdrachten uit, maar scherpten inkoopvoorwaarden aan. Dat vergrootte de kans op langdurige contracten of ketenoplossingen. Zelfstandigen met nichekennis hielden hun onderhandelingspositie.
In zorg en onderwijs trok loondienst door toeslagen, pensioenen en roosters soms harder dan een zzp-tarief. Zorginstellingen verwezen daarbij naar continuïteit van teams en dienstroosters. Tegelijk bleven interim-opdrachten bestaan waar piekbelasting en vervanging nodig waren. De keuze bleef dus afhankelijk van rol, regio en tarief.
Creatieve en communicatiesectoren voelden eerder de economische pas op de plaats. Campagnes en projecten werden uitgesteld of afgeschaald. Daar stapten sommige zzp’ers tijdelijk naar een payroll- of detacheringscontract. Zodra budgetten terugkeerden, kwam projectmatig werken opnieuw in beeld.
Regels sturen op zekerheid
Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) werkt aan de Wet verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties en rechtsvermoeden. Die wet moet scherper bepalen wanneer werk een dienstbetrekking is. Het rechtsvermoeden betekent dat onder een bepaald uurtarief sneller van loondienst wordt uitgegaan. Dat kan zeker bij laagbetaalde klussen het zzp-model minder aantrekkelijk maken.
De al bestaande Wet DBA, die de arbeidsrelatie toetst, wordt strenger gehandhaafd. Opdrachtgevers controleren daarom hun opdrachtovereenkomsten en werkwijze. Structureel werk met gezag en inbedding in de organisatie hoort juridisch bij loondienst. Dat drukt schijnzelfstandigheid terug en vergroot de vraag naar vaste contracten of detachering.
Ook Europees verandert het speelveld. De EU-richtlijn voor platformwerk introduceert een rechtsvermoeden van werknemerschap bij platformen. Hoewel die vooral bezorging en platforms treft, werkt de norm door naar andere flexconstructies. Bedrijven kiezen uit voorzorg vaker voor zekerheid.
Financiën wegen steeds zwaarder
De zelfstandigenaftrek wordt in stappen verlaagd in het Belastingplan. Dat maakt ondernemen fiscaal minder voordelig aan de onderkant van de markt. Voor veel zzp’ers is het netto verschil met loondienst daardoor kleiner. Zeker wanneer je pensioen, vakantiegeld en doorbetaling bij ziekte meerekent.
De Wet toekomst pensioenen (Wtp) verplicht werkgevers om pensioenregelingen te vernieuwen. Dat maakt pensioenopbouw in loondienst vaak transparanter en soms royaler. Zelfstandigen moeten dit zelf regelen en betalen. Voor sommigen is een vaste baan dan een aantrekkelijker totaalpakket.
Tegelijk bleven toptarieven in schaarse niches overeind. Specialistische ondernemers hielden zo hun inkomensvoordeel. Zij kozen eerder voor verzekeringen en een eigen pensioenpot. Het blijft een rekensom van tarief, risico en zekerheid.
Contractvormen schuiven mee
Werkgevers boden vaker ‘deta-vast’: eerst detachering, daarna vaste baan. Zo spreiden bedrijven risico’s en houden zij regie over inwerken en teamvorming. Voor zzp’ers geeft dit tijd om te kijken of de match klopt. Het voorkomt onnodige wisselingen en juridische discussies.
Payrolling en bemiddeling door detacheerders namen toe bij structureel werk. Een detacheerder is werkgever en draagt loon- en arboverplichtingen; de inlener stuurt het werk aan. Dat past binnen de regels en biedt zekerheid voor beide kanten. Vrije opdracht bij echte projecten blijft daarnaast bestaan.
Inkoop en HR werken nauwer samen aan rolomschrijvingen en tariefkaders. Bedrijven leggen vast wanneer een opdracht eindigt of overgaat in loondienst. De Kamer van Koophandel (KvK) en Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) bieden hulpmiddelen en modelovereenkomsten. Dat verkleint fouten en versnelt beslissingen.
Wat ondernemers nu doen
Bedrijven voeren een relatie-toets uit: is dit echt een opdracht of feitelijk een baan? Ze borgen drie punten in dossiers: eigen baas over werk, afgebakende opdracht en geen structurele inbedding. Bij twijfel kiezen zij voor een contract of detacheringsoplossing. Zo beperken zij risico’s bij controles door de Belastingdienst en Inspectie SZW.
Zzp’ers rekenen hun jaartotaal door: tarief minus onbetaalde dagen, verzekeringen en pensioen. Daarbij helpt voorlichting van KvK en brancheorganisaties. Wie meer zekerheid wil, verkent een hybride week met deels loondienst. Dat houdt inkomsten en autonomie in balans.
Voor het mkb loont investeren in digitalisering en procesverbetering, eventueel met RVO-regelingen. Minder ad-hoc pieken betekent minder noodzaak voor risicovolle flex. Tegelijk blijft een flexibele schil nuttig voor projecten en innovatie. De kunst is de juiste mix kiezen per fase en sector.
