• Home
  • /
  • Blog
  • /
  • Nieuws
  • /
  • Frietchinezen krijgen steun bij bezwaar tegen Average Rob in Oostende

2 mei 07:31

0 Reacties

Frietchinezen krijgen steun bij bezwaar tegen Average Rob in Oostende

In Oostende hebben uitbaters van bestaande frituren bezwaar ingediend tegen de komst van een nieuwe vestiging van de frituurketen van influencer Average Rob (Robert Van Impe). Het bezwaar valt in de fase van het openbaar onderzoek voor de omgevingsvergunning. De ondernemers wijzen op mogelijke hinder, extra verkeer en druk op de buurt. Zij krijgen daarbij steun van een partij van buiten de horeca.

Bezwaarschrift tegen nieuwe frituur

De geplande vestiging van de frituurketen van Average Rob in Oostende stuit op tegenwind van lokale uitbaters. Het gaat om ondernemers die al jaren een frituur runnen in de stad en vrees hebben voor overlast en drukte. In Vlaanderen worden zij in de volksmond soms “frietchinezen” genoemd, een omstreden term voor Chinese-Belgische uitbaters van frituren. De bezwaarmakers benadrukken dat hun zorgen vooral praktisch en ruimtelijk zijn, niet persoonlijk.

De keten rond Average Rob breidt de laatste tijd uit met nieuwe locaties. Een filialenstrategie vraagt vaak om zichtbare plekken met veel passanten, zoals in kuststeden. Dat levert kansen op voor merkuitbouw, maar zet ook druk op bestaande ondernemers in dezelfde straat of wijk. In zo’n situatie is de vergunningsprocedure het moment waarop belanghebbenden hun zorgen kunnen indienen.

De indieners stellen dat een extra frituur verkeersbewegingen en afvalstromen kan verhogen. Ook geur- en geluidsimpact worden genoemd, net als de vraag of de locatie ruimtelijk past. Zulke argumenten sluiten aan bij de punten die in Vlaanderen in bezwaarprocedures doorgaans kans maken.

Zo werkt de vergunning

Voor de vestiging is een omgevingsvergunning nodig, die bouw- en milieuaspecten bundelt in één besluit. Tijdens het openbaar onderzoek kan iedereen met een belang een reactie indienen. Daarna beoordeelt de stad het dossier op technische en ruimtelijke criteria en kan zij voorwaarden opleggen of de aanvraag weigeren. Op het moment van schrijven is nog geen definitieve beslissing genomen.

Als de stad een vergunning verleent, kunnen tegenstanders nog in beroep gaan bij de provincie. Vervolgens is er eventueel een stap naar de Raad voor Vergunningsbetwistingen. Deze meertrapse aanpak moet rechtszekerheid geven en tegelijk ruimte laten voor inspraak.

Voor ondernemers betekent dit dat een opening kan vertragen door bezwaren of aanvullende voorwaarden. Denk aan eisen rond afzuiginstallaties, leveringsvensters of afvalbeheer. Zulke voorwaarden verhogen de investeringskosten, maar bieden vaak ook duidelijkheid over wat wel en niet kan.

De omgevingsvergunning is de Vlaamse vergunning die bouw- en milieuvergunningen samenvoegt, zodat één integrale afweging plaatsvindt.

Concurrentie geen geldige reden

In bezwaarprocedures telt “meer concurrentie” in principe niet als geldig argument. Dat komt onder meer door de Europese Dienstenrichtlijn, die lidstaten verbiedt om vergunningen te weigeren puur om bestaande aanbieders te beschermen. Hierdoor focussen bezwaren op aspecten als mobiliteit, hinder, veiligheid en ruimtelijke inpassing.

De bezwaarmakers in Oostende richten zich daarom op verkeer, afval en leefbaarheid. Ze vragen om een onderbouwing van de impact op drukke momenten, zoals avonden en weekends. Ook eventuele cumulatie met andere horecazaken in dezelfde straat speelt mee.

Voor de keten van Average Rob betekent dit dat het dossier technisch sterk moet zijn. Een degelijk mobiliteitsplan, geluids- en geurbeheersing en heldere leveringsafspraken verkleinen de kans op vertraging. Gemeenten kiezen geregeld voor toestaan mét strikte voorwaarden als de risico’s beheersbaar zijn.

Onverwachte steun vergroot druk

Opvallend is dat de bezwaarmakers steun krijgen van buiten de horecasector. Zulke steun kan de weging in het dossier beïnvloeden, omdat het wijst op een breder draagvlak voor de bezwaren. Het kan gaan om zorgen van omwonenden, een buurtcomité of andere lokale partijen met een belang bij de leefkwaliteit.

Als meer partijen zich melden, neemt de druk toe om aanvullende voorwaarden te stellen. Denk aan beperkingen op openingstijden, extra afvalophaling of specifieke eisen aan logistiek en ventilatie. Dit kan de businesscase voor een filiaal in een drukke kuststad merkbaar veranderen.

Tegelijk willen steden ook ruimte bieden aan nieuwe ondernemingen en werkgelegenheid. De uitkomst is vaak een compromis: toestaan, maar met maatwerk. Ondernemers doen er goed aan om die voorwaarden vroegtijdig in te calculeren.

Gevolgen voor horeca-ondernemers

De kwestie raakt aan een breder spanningsveld tussen ketenvorming en lokale mkb’ers. Ketenexpansie zorgt voor schaalvoordelen en marketingkracht, maar kan de marges van bestaande zaken onder druk zetten. In toeristische gebieden, zoals de Vlaamse kust, vallen piekmomenten extra zwaar op de omgeving. Goede afspraken over logistiek en afval zijn daar cruciaal.

Voor Nederlandse ondernemers is de context vergelijkbaar onder de Omgevingswet. Ook daar kunnen belanghebbenden een zienswijze indienen en kunnen gemeenten voorwaarden verbinden aan een vergunning. Het loont om vroeg in gesprek te gaan met buurt en gemeente om knelpunten te voorkomen.

Voor ketens betekent dit: investeren in draagvlak. Denk aan duidelijke communicatie, een bereikbaar aanspreekpunt en snelle reactie op klachten. Dat verkleint de kans op juridische stappen en helpt bij een soepele opening.

Wat er nu kan gebeuren

De stad Oostende kan de vergunning verlenen, verlenen met voorwaarden of weigeren. Bij een verlening met voorwaarden zullen vooral mobiliteit, geur en afvalbeheer aandacht krijgen. Dat is gangbaar bij horecazaken op drukke locaties.

Bij een weigering of een strenge set voorwaarden is beroep mogelijk, wat de doorlooptijd verlengt. Voor de keten weegt tijdverlies mee in huur, personeel en marketingplanning. Voor de bezwaarmakers biedt vertraging ruimte om extra onderbouwing aan te leveren.

Op het moment van schrijven is de openingsdatum onzeker. Ondernemers die willen uitbreiden in stedelijke centra doen er goed aan om de Europese Dienstenrichtlijn, lokale verordeningen en de omgevingsvergunningseisen vroeg te vertalen naar hun ontwerp en processen. Dat voorkomt verrassingen in de laatste meters richting opening.


Tags


You may also like

Laat een reactie achter

Your email address will not be published. Required fields are marked

{"email":"Email address invalid","url":"Website address invalid","required":"Required field missing"}