Secrid, de Haagse maker van pasjeshouders en portemonnees, zet een nieuwe stap in duurzaam ondernemen. Het bedrijf werkt in Den Haag aan productie met minder CO2, meer hergebruik en langere levensduur. De aanpak sluit aan bij de circulaire ambities van de stad en de Europese Green Deal. Voor mkb’ers kan dit voorbeeld laten zien hoe je met slimme investeringen en subsidie duurzaamheid in het mkb in Nederland versnelt.
Secrid versnelt verduurzaming
Secrid kiest voor verdere verduurzaming van ontwerp, materialen en productie. De producent wil de milieu-impact verlagen zonder in te leveren op kwaliteit en functionaliteit. Dat betekent zuiniger grondstoffengebruik en minder verspilling in de keten. Zo wordt efficiëntie ook een concurrentievoordeel.
De stap past bij de groeiende vraag van klanten en retailers naar transparante en verantwoorde producten. In de Europese markt worden eisen strenger, maar ook duidelijker. Bedrijven die nu investeren, verkleinen hun risico’s op later ingrijpende aanpassingen. Ze bouwen tegelijk een sterker merk op in een kritische markt.
Voor een maakbedrijf in Nederland telt ook leveringszekerheid. Meer lokale productie en reparatiecapaciteit verkorten levertijden en verlagen transportkilometers. Dat drukt kosten op de lange termijn en vergroot de controle over kwaliteit. Het bedrijf kan sneller inspelen op vraag en regelgeving.
Ontwerp voor langere levensduur
Secrid richt zijn ontwerpkeuzes op een langere gebruiksduur. Denk aan stevige behuizingen, onderhoudsvriendelijke onderdelen en beschikbaarheid van service. Een product dat te repareren is, hoeft niet direct vervangen te worden. Dat scheelt materiaal, energie en geld.
Levensduurverlenging is een kernprincipe van de circulaire economie. Het verlaagt de totale footprint per gebruiksjaar. Klanten waarderen praktische oplossingen zoals onderhoudstips en vervangbare onderdelen. Winkels kunnen aftersales opnemen in hun service-aanbod.
De Europese “Right to Repair”-regels versterken deze richting. Die maken reparatie makkelijker en aantrekkelijker voor consumenten. Fabrikanten moeten vaker informatie en onderdelen beschikbaar maken. Wie hierop vooruitloopt, is beter voorbereid op toekomstige eisen.
Keten wordt transparanter
Secrid werkt aan meer inzicht in grondstoffen en toeleveranciers. Transparantie helpt om milieu- en sociale risico’s te beperken. Het bedrijf kan zo beter sturen op kwaliteit, herkomst en arbeidsomstandigheden. Ook maakt het rapporteren richting zakelijke klanten eenvoudiger.
De EU-richtlijn voor due diligence (CSDDD) en de rapportagestandaarden (CSRD) werken door in ketens. Grote klanten vragen hun leveranciers om data over materialen en emissies. Het Digitale Productpaspoort uit de Ecodesign-verordening komt daar bovenop. Dat paspoort wordt per productgroep ingevoerd en maakt productdata toegankelijk in de EU.
Bij het delen van ketendata blijft de AVG van kracht. Het gaat vaak om product- en milieu-informatie, maar ook om bedrijfsgegevens van partners. Bedrijven moeten die beveiligd verwerken en alleen delen wat nodig is. Heldere afspraken in de keten voorkomen misverstanden.
Het Digitale Productpaspoort bundelt herkomst-, materiaal- en reparatiegegevens en maakt die via een code op het product vindbaar voor klanten en toezichthouders.
Energie en materiaalkeuze
Secrid kijkt naar schonere energie in de productie en naar efficiëntere processen. Denk aan zuinige machines, LED-verlichting en warmte-terugwinning. Lokale productie in Nederland verkleint bovendien de vervoersvoetafdruk. Dat scheelt kosten en emissies.
Ook materiaalkeuze maakt verschil. Gerecyclede metalen en hoogwaardig hergebruik verlagen de impact. Alternatieven met minder chemie en watergebruik winnen terrein. Belangrijk is dat kwaliteit en levensduur overeind blijven.
Voor investeringen bestaan fiscale regelingen zoals EIA en MIA/Vamil. Die verlagen de netto kosten van duurzame machines en circulaire toepassingen. Energieprojecten kunnen in sommige gevallen SDE++-steun krijgen. Ondernemers kunnen dit toetsen bij RVO voordat ze bestellen.
De financiële impact is vaak tweedelig: hogere startkosten, lagere gebruikskosten. Meten van verbruik en afvalstromen laat de besparing zien. Zo wordt de terugverdientijd inzichtelijk. Dat helpt bij besluitvorming en bij gesprekken met financiers.
Gevolgen voor andere mkb’ers
Mkb-bedrijven in de maakindustrie krijgen steeds vaker vragen van afnemers over footprint en materialen. De CSRD geldt op het moment van schrijven vooral voor grote ondernemingen, maar werkt door in de hele keten. Wie nu meet, kan straks makkelijker leveren. En voorkomt dat orders afhaken door ontbrekende data.
Een praktische start: bepaal een nulmeting van energie en materiaal, maak een plan voor levensduurverlenging en kies twee meetbare doelen. Bijvoorbeeld minder afval per product en meer gerecycled materiaal. Leg afspraken met leveranciers vast in een gedragscode. Test tegelijk een pilot voor productdata richting klanten.
Financiering en advies zijn beschikbaar. RVO heeft loketten voor “subsidie duurzaamheid mkb Nederland” en tools voor CO2-inzicht. Regionale programma’s met EFRO-steun kunnen innovatie in de maakindustrie mede financieren. De Kamer van Koophandel wijst op geschikte regelingen en partners.
Let ten slotte op communicatie. De Europese regels voor milieuclaims worden strenger en de ACM houdt toezicht op misleiding. Maak claims specifiek en onderbouwd met meetdata. Zo blijft verduurzaming geloofwaardig en juridisch houdbaar.
